Elzenhout, Alnus glutinosa
Herkomst:
Europa, Siberië, Noord-Amerika, Japan, Italië, Klein-Azie.
Handeisnamen:
Elzen (Ned.) (Belg.); alder (Eng.); aune (Fr.); Erle (Duits).
Kenmerken:
Kleur: kern: rossig tot geelwit, roodbruin (versgezaagd is het wit); spint geen verschil
met kern. Groeiringen matig duidelijk.
Nerf: fijn.
Draadverloop: recht.
Tekeningen: weinig variatie, bruine stippels.
Glans: matig tot duidelijk.
Branden: vrij goed, rustig, geeft donkergrijze as.
Eigenschappen:
Volumegewicht: 0,55 bij 15 % (0,49: 0,64).
Vers weegt 1 m3 ongeveer 880 kg.
Mechanische eigenschappen: elzenhout is zacht, taai en matig sterk.
Buigsterkte: zwak tot matig.
Stijfheid: zwak tot zeer zwak.
Schokweerstand: laag tot zeer laag.
Druksterkte: zwak.
Hardheid: vrij zacht.
Vezelverzadigingspunt aan de lucht: 33%.
Krimp:
| van groen tot 12 % |
tot volkomen droog |
| tang. 9,3% |
|
| rad. 4,3% |
|
Stabiliteit: matig stabiel.
Duurzaamheid: weinig duurzaam; klasse V.
Geschiktheid tot drenken: doordringbaar.
Bewerking:
Elzehout is gemakkelijk te verwerken, te schaven en te spijkeren. Het is enigszins
stug bij het zagen doch laat zich vlot gladschaven.
Afwerking:
Goed te vernissen en te boenen.
Toepassingen:
Het hout is voor vele doeleinden geschikt: borstelstelen, gietmodellen, lijsten,
beeldhouw- en mijnwerk, binnenwerk voor meubelen, speelgoed, verpakkingskisten. Het
werd vroeger ook veel gebruikt voor triplex en fineer.
Bijzonderheden:
Blootgesteld aan lucht en vocht is elzehout weinig duurzaam. Onder water gebruikt
is elzen echter duurzaam. Onder oude gebouwen worden nog heipalen gevonden die in
zeer goede staat waren. Vochtig elzen geeft bij verbranding dichte rook welke aan
pannen een blauwe kleur geeft.
Bevoorrading:
Weinig beschikbaar.
Opmerkingen:
In Europa groeien drie belangrijke elzen.
Zwarte els, groeiend in West-, Zuid-, en Midden-Europa, Midden-Rusland, Zweden, Finland,
Klein-Azië.
Grijze els, groeit meer naar het noorden, Noord-, Midden-, en Oost-Europa, de Kaukasus,
Noordoost-Azië.
Minder belangrijk is de hardbladige els, groeiend op Corsica en in Italië. Ze
vormen slechts lage takken-bossen.
Elzen groeien meestal in moerassige streken. |