Beukenhout, Fagus sylvatica L

Herkomst:
Europa.

Handelsnamen:
Beuken (Ned.), Hêtre (Fr.), Beech (Eng.), Buche (Duits.).

Kenmerken:
Kieur: kern en spint zijn weinig verschillend crème-geel lichtjes bruin of roodachtig gestoomd wordt het rood.
Groeiringen: te onderscheiden, maar niet duidelijk.
Nerf: fijn.
Draadverloop: recht en regelmatig.
Tekeningen: licht gevlamd op dosse; spiegeltekening op kwartier in gevolge de brede en dikke stralen.

Eigenschappen:
Volumegewicht: 0,71
Mechanische eigenschappen: beuken is één der sterkste houtsoorten uit onze streken, meer nog dan eiken.
Buigsterkte: matig. Stijfheid: matig.
Schokweerstand: matig tot zwak.
Druksterkte: matig.
Hardheid: overlangs: hoog
kops: matig.
Evenwichtsvochtgehalte bij respectievelijk 90 en 60 % relatieve luchtvochtigheid: 22 en 12 %.
Vezelverzadigingspuni aan de lucht: 33 %.
Krimp:
van groen tot 12 % van 20 tot 12 %
tang. 9,5 % 3,2 %
rad. 4,5 % 1,7 %

Stabiliteit: zeer trekkerig hout.
Duurzaamheid: vergankelijk.
Weerstand tegen impregnatie: doordringbaar.
Beuken met rode kern is niet te impregneren.

Bewerking:
Beukenhout laat zich goed verwerken. Het is matig stug bij het zagen. Beuken droogt tamelijk vlug en gemakkelijk, maar heeft grote neiging tot splijten aan de uiteinden van het hout. Is normaal zonder moeilijkheden met de hand en met de machine te bewerken. Beuken leent zich goed voor draaiwerk, kleuren, polijsten en lijmen. Uitstekend hout om onder stoom gebogen te worden. Het gestoomde hout is meer bestand tegen aantasting.

Toepassingen:
Beuken wordt voor zoveel toepassingen gebruikt, dat een opsomming steeds onvolledig zou blijven. Triplex, draaiwerk, parket, riemschijven, trappen, gereedschappen, (schaven, stelen), speelgoed, meubelen (o.a. poten van stoelen en tafels), tafelbladen, schoolbanken. Huishoudartikelen, zoals broodplanken, lepelrekken en kastjes.

Bevoorrading:
Het wordt aangeboden in allerlei vormen en afmetingen, rondhout en gekantrecht, zowel gestoomd als ongestoomd.

Bijzonderheden
Het Slavonisch beuken is vooral bekend om de goede verzorging zowel tijdens de kap als bij het transport.
Het Deens beuken is vrijwel wit van kieur, vast en hard.